vrijdag 21 september 2012

Tien voor zeven

Aan de overkant van de straat is de krantenboer al open. Ik zie door de openstaande deur hoe hij voorover gebogen over de toonbank, met de bril op de punt van de neus, de paklijst nakijkt, kranten en tijdschriften telt en vervolgens elke regel afvinkt.
Ook de bakker is al open. Een blonde tiener komt naar buiten, ‘brioce’ tussen de inmiddels plakkerige vingers, en steekt de straat over. Ze gaat naar school, de tweede dag na een lange lange zomervakantie. Ze moet dezelfde bus hebben als ik, is ook vandaag op tijd, maar weet nu al dat dat in de loop van het schooljaar steeds moeilijker zal worden.
Ik kijk even op vanachter de opengeslagen bladzijden van mijn ‘Corriere della Sera’. Het waait over het algemeen niet veel in Italië en dus kun je gemakkelijk de krant lezen terwijl je op de bus staat te wachten. Het silhouet van een vliegtuig komt tevoorschijn vanachter de kerktoren en begint aan een flauwe bocht naar rechts. Het vliegveld is dichtbij, en ik weet inmiddels dat een flauwe bocht naar rechts richting Nederland betekent. Of nog iets verder noord.
Het is tien voor zeven. Schapenwolkjes aan de hemel. Ze hebben regen voorspeld voor vandaag. Het rolluik van de sigarettenboer gaat met veel lawaai omhoog. Vanaf de andere kant komt de bus eraan.