zaterdag 4 februari 2017

Alle vogels, dingen met veren


"Hebban olla uogala nestas hagunnan hinase hi(c) (a)nda thu uuat unbidan uue nu"...
Nee, er is niks met m'n toetsenbord.
Deze zin werd waarschijnlijk geschreven in de tweede helft van de elfde eeuw door waarschijnlijk een West-Vlaamse kopiist. Dat is twee keer waarschijnlijk in één zin... Lang heeft men aangenomen dat "Hebban olla uogala..." de oudst bekende zin in het Oudnederlands was, maar na het twee maal waarschijnlijk uit de vorige zin zal het U niet verwonderen dat ook dat laatste inmiddels terug gedraaid is.
Desondanks is het een prachtige zin:
"Alle vogels zijn nesten begonnen, behalve ik en jij. Waar wachten wij nu op?"


En de vogels?
Ook die zongen in de elfde eeuw al zoals ze gebekt waren, maar net zoals onze taal anders was als nu, was ook hun taal anders. Aangezien de menselijke taal en de vogelzang op dezelfde manier ontstaan zijn - er zijn wetenschappers die zo ver gaan te beweren dat de vogeltaal aan de basis heeft gestaan van de mensentaal - zou het immers wel heel erg hooghartig zijn om ervan uit te gaan dat alleen onze taal evolueert. Zoals een baby leert praten van zijn ouders en daarbij een eerste periode van brabbelgeluiden kent, zo leert de babyvogel fluiten en zingen van zijn ouders. Het opvullen van de steeds kleiner wordende hiaten in de woordenschat heeft eenzelfde ontwikkeling.

- Dat wist ik helemaal niet, joh! -

Het idee van Noam Chomsky dat er een soort van 'universele' grammatica bestaat lijkt te kloppen. Onderliggende structuren van onze talen hebben veel gemeen, ook al klinkt het in iedere taal natuurlijk weer anders.
Vogels hebben dat probleem niet, want zij kennen geen talen en hun grammatica is dus per definitie universeel. Maar ook onze gevederde vriendjes blijken elkaar niet altijd te 'verstaan'. Een plattelandsmerel zou zich verloren fluiten in de grote stad, omdat de spits zijn lied overstemt. Een stadsmerel kent het probleem en begint vroeger in de ochtend te zingen. Je zou het in zekere zin een vorm van evolutie kunnen noemen.

Vogels gebruiken hun taal om te comuniceren, te waarschuwen, en vooral om indruk te maken. Een moeilijke noot of een ingewikkelde loopje wordt herhaald en herhaald om te laten zien dat hij de beste is. En zo de aandacht te trekken van dat fraai gepluimde deerntje op tak 7 blad 53 van de eik op de hoek van de Dorpsstraat en de Brink.
Ook de mens gebruikt zijn taal om indruk te maken. We dichten onszelf niet geheel aan de waarheid beantwoordende heldendaden toe. Of ondergraven juist de talenten van een collega of een kroeggenoot. Leugentjes om bestwil, het schijnt dat we (de beroemde gemiddelde 'we) een keer of twee, of drie, liegt op een dag. Legentjes om bestwil. Om er zelf beter van te worden, wil dat zeggen. En zo de aandacht te trekken van dat lekkere stuk op stoel 7 rij 53 van de bioscoop op de hoek van de Dorpsstraat en de Brink.

De evolutie van de taal in tienduizend jaar, teruggebracht in een simpel maar essentieel ,,Ik wil je!'' Of in een zin: "Alle vogels zijn nesten begonnen, behalve ik en jij. Waar wachten wij nu op?"


Ik schreef het bovenstaande nadat ik "Verdriet is een ding met veren" van Max Porter had gelezen.
De recensie, die ik ook op Hebban.nl heb geplaatst vind je hieronder.

[]


,,Een kraai kraait niet, maar krast'', volgens Wikipedia. ,,Het "kraa-kraa-kraa" wordt veel gehoord, maar hij maakt ook andere geluiden.''
Wie "Verdriet is een ding met veren" van Max Porter heeft gelezen weet daar alles van.
Max Porter is hoofdredacteur bij Granta en Portobello Books in Londen en voormalig eigenaar van een onafhankelijke boekwinkel. Porter noemt zichzelf kritisch bewonderaar van Ted Hughes, één van de beste dichters van zijn tijd en kinderboekenschrijver. Zijn bekendste werk werd Crow.

Het zijn deze elementen die een emotioneel, maar op zich eenvoudig verhaal verweven tot een meesterstuk. Een vader is met zijn twee zoons achtergebleven nadat de moeder onverwacht is overleden. Een rouwproces volgt waarbij ze bijgestaan worden door een ongenode gast, die letterlijk hun huis en hun leven binnenvalt en, zo kondigt hij aan, pas weg zal gaan als het tijd is.

De literaire kennis van Porter is enorm. Dat bewijst hij al door met de originele titel (Grief is the thing with feathers) naar Emily Dickinson's gedicht 'Hope is the thing with feathers' te verwijzen. Verdriet, hoop. Twee pijlers waar een verhaal als dit op hoort te rusten om het niet als een kaartenhuis in elkaar te laten storten.
En dan begint het boek, en val je een beetje van de ene verbazing in de andere. Poezie, novella, fabel. Je weet nooit wat je te wachten staat als je het ene hoofdstuk uit hebt en het andere gaat beginnen. De hoofdstukken zijn kort, dat wel, maar met zijn afwisselende stijlen nodigt Porter uit om vooral om te slaan en verder te lezen.

We beleven het verwerkingsproces mee vanuit drie verschillende gezichtspunten. Dat van de vader, de echtgenoot, dat van de twee zoontjes en dat van de ongenode gast... de kraai. Elke vorm van realiteit zou normaal gesproken met een hoofdpersoon als deze uit het verhaal verdwijnen, maar Max Porter verstaat de kunst om deze fabelfiguur deel uit te gaan laten maken van het "echte" leven van de andere hoofdrolspelers zonder dat je er echt erg in hebt.
Ik heb "Verdriet is een ding met veren" in het Engels gelezen. Mijn Engels is niet perfect, en dat is deze keer ook een voordeel geweest. Het ritme, de melodie in de woorden van kraai kreeg namelijk een kans en ik heb zo de grote kracht van Porter kunnen ontdekken: kraai praat echt als een vogel, dezelfde wippende bewegingen in een zin, dezelfde herhalingen van korte klanken in elkaar snel opvolgende woorden (zoek op You Tube het filmpje maar eens op waarin Porter voorleest uit zijn boek). En op dat moment kom je er als lezer achter dat het met de andere hoofdpersonen hetzelfde is: de vader praat anders als zijn zonen, ook al gebruiken ze alle drie dezelfde woorden en ook al bewandelen ze alle drie hetzelfde pad om hun verlies te verwerken.

Natuurlijk is het uiteindelijk tijd en verdwijnt kraai even onverwacht als hij gekomen is. Dat zal geen verrassing zijn en mag best verklapt worden. Het gaat namelijk om wat er tussen zijn komst en vertrek gebeurt. En dat is fabelachtig mooi.
"Verdriet is een ding met veren" is kort, maar niet te. En het is een boek dat, als je het uit hebt, al roept om nog een keer gelezen te worden. Ik weet zeker dat ik dat ga doen.


 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen