zondag 12 februari 2017

Familieportret



,,Op de foto?'', brult Wannes. ,,Waar is dat goed voor?''
Wannes brult, maar hij is niet kwaad. Ook al klinkt het wel zo. Nee, Wannes is doof. En daarom roept hij, brult hij, alsof iederéén doof is. Wie hem daarop aanspreekt krijgt, als hij eenmaal door de taaie wand van dof geruis in Wannes' dovemansoren heen gebroken is, nul op rekest. Wannes roept niet, meent hij overtuigd. ,,Ik spreek soms met een lichte stemverheffing, maar dat is alles.''
Die stemverheffing heeft hij weer overgehouden uit het leger. ,,Toen we dienden voor Volk en Vaderland'', denderen de woorden in hoofdletters over Wannes' lippen. Volk en Vaderland vormen kleine speekselbelletjes, die als wit schuim in de mondhoeken achterblijven. ,,Tucht, Discipline.'' Meer schuim, vooral 'discipline' draagt bij. ,,Je zou een goeie branding zijn, opa'', merkt achterkleinzoon Jamal op. ,,Of een een pilsje'', grinnikt Jamals neefje Dween. [Ja, met deze naam hebben zijn ouders hem voor de rest van zijn leven geëerd, ik zweer het je. Geen Dwain, nee, Dween!]

Het gelach gaat aan Wannes voorbij. Hij is er even niet. De blik op oneindig glijdt langs de sanseveria's de vensterbank over, omzeilt de tuinkabouters, de straat uit, het dorp uit, de klok een jaar of zeventig achteruit. Alleen Leuntje, oma Leuntje, weet waarheen.
Legergroen, tucht, discipline, kameraadschap, solidariteit. Schouders recht. De klap kwam nog voordat Wannes het zelfs maar tot soldaat eerste klas had kunnen schoppen. Terug naar huis, naar Leuntje. Hardhorend, en voor altijd bang voor het donker. Een nachtlampje aan, al zeventig jaar lang. Maar in een droom branden geen nachtlampjes, en nog steeds roept Wannes af en toe tegen het donker. Zo treedt hij zijn angsten tegemoet. Totdat Leuntje hem wekt.

Oma Leuntje legt haar hand op Wannes' pols, knijpt zacht. Zacht meanderende aderen onder de dunne, rimpelende huid. Hij knippert een keer met z'n ogen, iets vochtiger als daarnet. Maar hij is er weer, 2017. Kijkt Leuntje aan. ,,De foto'', zegt ze.
Kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen staan en zitten al klaar. De jaarlijkse familie-reünie. Sinds een jaar of vijf komt er een echte fotograaf voor een officieel familieportret. En elke keer wil Wannes' weten waar dat dan wel goed voor is.
,,Omdat je zo'n lekker beest bent, opa'', brult Jamal in zijn oor. Dween lacht. Leuntje lacht. Wannes lacht. Iedereen lacht, en de fotograaf klikt.
Zo moet een familieportret zijn.

Afbeelding: Adriaan de Lelie - Portret van de familie van Jan van Loon (1786)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen